Kincorrectie

De vorm van je kin en de grootte van je neus bepalen voor een zeer groot deel het profiel van je gezicht. Als je bijvoorbeeld een kleine en teruggetrokken kin hebt, dan lijkt je neus veel groter. Je gezicht is dan als het ware niet in balans. Wanneer je je er heel erg aan stoort dat je hier psychische problemen van krijgt en je zelfvertrouwen dussanig afneemt, dan kan een kincorrectie wellicht uitkomst bieden. Bij een kincorrectie wordt je kin door middel van een siliconenimplantaat vergroot.

De ingreep
Een kincorrectie vindt meestal plaats onder locale anesthesie. Vlak voor de ingreep worden er foto’s gemaakt van je gezicht ten behoeve van je dossier. Er wordt een sneetje gemaakt onder je kin in de huidplooi. Daarna creërt de plastisch chirurg tegen het bot van de kin een holte. Hier wordt de siliconenprothese ingebracht. Het sneetje onder de kin wordt met fijne hechtingen gehecht en de wond verbonden.

Na de ingreep
Na controle en goedkeuring van je plastisch chirurg kun je meestal na korte tijd de kliniek weer verlaten. Doe wel een paar dagen rustig aan en ontzie je kin. Ga ervan uit dat je een pleisterverband draagt en dat er wat zwellingen of kleine bloeduitstortinkjes zijn rondom je kin. Dit trekt geleidelijk weg. De hechtingen worden na een week verwijderd. Je kunt na een week tot tien dagen weer langzaam je werkzaamheden oppakken. Het uiteindelijke resultaat van een kincorrectie ziet je na enkele weken.

Mogelijke complicaties en risico’s
Een kincorrectie is in feite een operatie en heeft zodoende dezelfde risico’s als iedere andere operatie. Eventuele complicaties die kunnen optreden zijn nabloedingen, een wondinfectie, een stoornis bij de wondgenezing of een verschuiving van het implantaat. Deze complicaties komen echter zelden voor.

Stem!